0
Dokter Do

# Scherven

juli 10, 2019

Ze haalde haar schouders naar niemand in het bijzonder op en zei: ‘O, oké.’ Haar dochters en zoon zaten er verslagen bij, om maar niet te spreken over haar echtgenoot die met trillende lippen langs ons heen staarde. Het nieuws was bij de familie hard aangekomen, maar mevrouw zelf leek beheerst. Ik had een ander reactie verwacht. Later legde de neuroloog mij uit dat mensen slecht nieuws verschillend verwerken. De een raakt geëmotioneerd en de ander valt stil. Het besef komt dan later of ze willen sterk blijven voor hun familie en beseffen alles maar al te goed. Ik vroeg mij af hoe het bij haar zat.

Een dag geleden was mevrouw samen met haar gezin nog onbezorgd en nietsvermoedend aan het genieten van een vakantie in Italië. Ze kreeg plots een epileptisch aanval. Tenminste, dat deed de medische brief van de Italiaanse artsen ons vermoeden. Haar dochters vertelden ons dat ze in Italië vreemd begon te praten en opeens onderuitging. Uit de CT die ze in Italië hadden gemaakt, hadden de artsen iets verontrustend gezien. ‘Ze hadden het over een tumor, maar we weten niet of we het goed hebben verstaan,’ vulde de zoon aan. Er was verder geen tijd om na te denken of dingen te vragen, ze moesten met spoed terug naar Nederland. Dezelfde dag van aankomst werd mevrouw opgenomen in dit ziekenhuis. Op een geïsoleerde kamer, uit voorzorg voor eventueel een resistente bacterie die ze uit het ziekenhuis in Italië had mee kunnen nemen.

Om te voorkomen dat een eventuele bacterie verspreid zou worden in het ziekenhuis, stonden wij geheel in het geel verpakt, met muts en mondkapje, naast haar bed. Niet echt bepaald een ideale outfit om slecht nieuws te brengen, laat staan iemand gerust te stellen. Er viel überhaupt niets gerust te stellen. Het was warm onder al die lagen. Of was het warm vanwege het nieuws dat we moesten vertellen? ‘Een hersentumor? Echt? Dus ze hebben zich in Italië niet vergist?’ vroeg een van de dochters. Dat kleine stukje hoop hadden wij haar net genadeloos afgepakt. Zwaarmoedig schudde de neuroloog zijn hoofd en zei dat de CT die we hier herhaald hebben, precies hetzelfde liet zien.
Een aantal vragen verder en een lange stilte, vroeg de neuroloog of ik het lichamelijk onderzoek wilde doen bij mevrouw. Dat wordt bij alle patiënten gedaan die opgenomen worden in het ziekenhuis. Ik knikte en met wat gestoei onder het gele pakje om mijn stethoscoop uit mijn witte jas eronder te halen, luisterde ik vervolgens naar het hart, de longen en buik. Niets bijzonders. Ook het neurologisch onderzoek was niet afwijkend tot we mevrouw vroegen een stukje voor ons te lopen. Dat ging niet zo goed. Ze kwam amper overeind en bleek ook incontinent te zijn voor het plassen. Ik vroeg me al af waar die geur vandaan kwam. Wat heftig en zielig om als kinderen en man haar nu zo te zien. En hoe ongemakkelijk zou zij zich nu moeten voelen. Een volwassen vrouw die zojuist in haar bed heeft geplast en het amper heeft doorgehad. ‘Ik denk dat ik gewoon moe ben,’ zei ze met een zachte stem. ‘Het geeft niet. We maken het onderzoek later wel af,’ zei ik stotterend. Ik hielp haar samen met de verpleegkundige weer in bed en we besloten haar te laten rusten.

We trokken ons gele pakken bij vertrek uit en ik dompelde nog even mijn stethoscoop onder de alcohol. De arts-assistent en neuroloog overlegden over verder aanvullend onderzoek. De neuroloog had een niet pluis gevoel en wilde een MRI. ‘Waarom een MRI?’ vroeg de arts-assistent. ‘Het is erg zeldzaam, maar het kan zo zijn dat mevrouw een metastase in haar ruggenmerg heeft.’ In lekentaal, een uitzaaiing. Dat zou verschrikkelijk zijn, maar wel haar klachten verklaren.

Er werd een MRI gemaakt en de neuroloog kreeg tevergeefs zijn gelijk. Dit veranderde alles. Binnen enkele weken zou de metastase een dwarslaesie veroorzaken. Het had geen enkele zin meer om te opereren.
‘Hoelang heb ik nog?’ vroeg zij zo nuchter mogelijk toen we weer slecht nieuws kwamen brengen. Ik was van mijn stuk gebracht door haar kalmte, terwijl haar familie als een uiteengespatte glazen vaas erbij zat. Compleet in scherven. ‘Moeilijk te zeggen, maar niet heel lang meer,’ antwoordde de neuroloog. ‘Dan zit er niets anders op dan naar huis te gaan,’ antwoordde ze kalm. Ik probeerde de brok in mijn keel weg te slikken. Haar oudste dochter greep naar haar moeders hand en ik zag de moeder zachtjes in haar dochters hand knijpen. En dat was het. Dat was het antwoord waar ik naar zocht. Ze was kalm voor haar kinderen en wist heel goed wat er gaande was. Ze probeerde zich simpelweg sterk te houden.

Ook leuk om te lezen

Geen reacties

Laat een reactie achter