0
Coassistente Sultan

#Moed

oktober 16, 2019

Mijn eerste stage viel helaas tegen, op één vriendelijke patiënte na. Een oude dame, net een nieuwe heup gekregen; ze zag er zo klein en fragiel uit dat het ziekenhuisbed er ruim uit zag. De wond was goed aan het helen, maar ze durfde nog niet op haar benen te staan, ondanks de aanmoediging van de fysiotherapeut.
Terwijl ik haar hielp met omkleden, raakten we in gesprek. Ze was bang om weer te vallen, vertelde ze. Ze wou graag aan tafel eten, maar vond het doodeng om er heen te gaan.

“We kunnen wel samen lopen”, bood ik aan. “Stapje voor stapje, met de rollator. Ik zal bij u blijven en u opvangen als u valt, maar dat gaat niet gebeuren.”
Ze knikte me dankbaar toe, twijfelde nog even, maar gooide toch voorzichtig haar benen van de bedrand. Ik hielp haar opstaan en ze hield heel stevig de rollator vast; haar armen begonnen hevig te trillen en ze liet zich weer vallen op het bed. “Zullen we het morgen weer proberen mevrouw?” Dat vond ze goed.
De volgende dag lukte het ons wel om samen naar de tafel te lopen; haar blijdschap was enorm.
De dagen daarop liepen we kleine afstanden door de kamer, stapje voor stapje, met mij aan haar arm. Dit werd al snel uitgebreid tot ritjes tot de deur, en daarna naar de wc; daar was ze heel opgelucht over, want nu hoefde ze niet meer op de akelige postoel. Langzaam maar zeker werd mijn grip op haar armen zachter, en haar grip op de rollator ook.
“Dit gaat goed he?” “Ja meisje, ik ben zo blij dat ik weer kan lopen”. Haar ogen glinsterden.

Ik bracht haar haar eten, maakte alles open, en sneed het vlees voor haar. We spraken af om morgen een stukje door de gang te lopen. Halverwege mijn tweeweekse stage liep ze al de gehele gang op en neer, mét rollator maar nu zonder mijn steun. Ik ging naast haar zitten en deed een bloeddrukmeter om haar arm. Ze vertelde me zachtjes dat ze eigenlijk al door kon naar het verzorgingstehuis om daar verder te revalideren, maar dat durfde ze nog niet helemaal aan.

Na een tijdje kletsen vertelde ik haar dat dit mijn laatste week was. “Zo snel al?” vroeg ze verbaasd. “Nou als jij weggaat, ga ik ook hoor! Anders is er niks meer aan.” Ik moest lachen om haar grapje, en waardeerde de enige vriendelijkheid die ik kreeg op deze afdeling.
Op mijn laatste stagedag liep ik naar haar kamer om afscheid te nemen, maar zag er tot mijn verbazing een koffer staan. Haar zoon en schoondochter waren er ook, jassen aan en tassen in de hand. Ik stelde me netjes voor aan iedereen, en wendde me naar de patiënte.

“Gaat u toch door naar het verzorgingstehuis? Ik dacht dat u hier nog een tijdje zou zijn.”
“Meisje, ik zei het je toch! Als jij weggaat, ga ik ook. Ik zit hier anders toch maar de hele dag alleen.” Ze gaf me een stevige knuffel en een kus. “Bedankt dat je me hielp mijn moed weer te vinden.” Trots als een pauw liep ze achter haar rollator aan, sneller en steviger dan ze ooit had verwacht.
———————————————-
Sultan is coassistente en schrijft twee-wekelijks een blog om ons een kijkje te geven in haar levens als arts in spe.
Sultan is ook te volgen op Instagram: @ikheetgeenco

Ook leuk om te lezen

Geen reacties

Laat een reactie achter