0
Zuster Esmée

#Mensen mens

oktober 7, 2019

Ik bel aan bij een van mijn cliënten; een tachtig jarige heer met somatische problemen. Een schatje, echt zo’n opaatje die je zou willen meenemen naar huis. Zo’n klein oud mannetje, met een wandelstok, een bril op zijn toet en een glimlach. Hij is de rust zelve.

Vandaag even niet. Bij binnenkomst zie ik een andere blik in zijn ogen. Vooralsnog kom ik het huis binnen met een glimlach en een vrolijke begroeting, maar hij reageert anders. Koeler, minder enthousiast dan gewoonlijk. Ik help hem richting de badkamer voor de dagelijkse verzorging. Hij is stil, zegt bijna geen woord.

Wanneer we in de badkamer aankomen, laat ik hem op de douchekruk zitten en ga ik voor hem op de rollator zitten. Hij kijkt naar zijn voeten alsof hij mijn blik wil ontwijken. Even twijfel ik of ik moet zeggen dat ik iets anders aan hem merk dan normaal. Toch doe ik het: ‘Ad, wat is er aan de hand?’. Hij kijkt langzaam op en er rolt een traan over zijn wang. O nee, geen huilende man, dat gaat me aan het hart! Het is te laat, de traan valt op zijn schoenen en hij kijkt me bedroefd aan.

‘Meisje…’, het blijft even stil, ik zeg niks en blijf hem aankijken, ‘Meisje… ik heb verdriet.’
Ik pak zijn hand en vertel hem dat ik bij binnenkomst zag dat er iets aan de hand was. ‘Onze jongste zou vandaag zestig jaar worden.’

Het is een tragisch verhaal wat ik over zijn jongste heb gehoord. Beide kinderen van dit echtpaar zijn overleden, op jonge leeftijd. Een zoon was acht, een zoon was zestien. Ze hebben het verlies nooit kunnen verwerken en dat gaan ze ook nooit kunnen. Hij legt zijn andere hand op mijn hand en huilt zachtjes verder. Ik zet de rollator naast hem en sla een arm om hem heen. Zijn verdriet is voelbaar. Zijn lichaam schudt, zijn handen trillen en de tranen vallen op zijn schoot. Al huilend zegt hij: ‘Ik wil niet dat mijn vrouw het weet dat ik me zo voel. Ik moet sterk voor haar zijn. Fleur jij me straks een beetje op voor we de badkamer uitgaan?’.

Als verpleegkundige wil ik niet alleen levens redden, ik wil ook een arm om iemand kunnen slaan als diegene dat nodig heeft. Momenten als deze, waarin er een beroep op mij wordt gedaan als mens en niet alleen als verpleegkundige, zijn de momenten die mij het meest aan het hart gaan. Natuurlijk, het is een adrenaline-kick wanneer je in een crisis terecht komt en alles op alles moet zetten om diegene te redden. Alleen het feit dat ik met dit soort kleine gebaren en oprechte aandacht iemand kan helpen, dat maakt mijn dag een stukje mooier.

Soms moet je extra tijd nemen voor je cliënten. Soms is er een spoedje, is iemand gevallen, soms zit iemand er helemaal doorheen. Wat de vraag ook is, ik luister en denk mee.

Ook leuk om te lezen

Geen reacties

Laat een reactie achter