#ToTheLeft

“Je moest naar links dombo,” riep mijn broertje naast mij in de auto. “Ik ben toch naar links gegaan,” antwoordde ik kalm. “Je bent naar rechts gegaan, aap.” Hij hield zijn hand voor mijn gezicht, vormde een L met zijn duim en wijsvinger en zei: “je kunt met je linkerhand een L maken, zo weet je wat links en rechts is. Handig ezelsbruggetje voor ezels als jij.” Ik keek hem scheef aan en zei: “Sorry hoor, maar met mijn rechterhand kan ik ook een L maken.” Terwijl ik hem liet zien hoe dat moest, gaf hij zichzelf een facepalm. “Waarom heb ik jou ook laten rijden,” mompelde hij, nadat ik de volgende afslag ook verkeerd had genomen.

Het is echt niet zo dat ik het express doe. Of dat ik maar twee hersencellen heb, zoals mijn broertje dat altijd zegt en denkt over mij. Ik kan er oprecht niets aan doen. Ik weet niet wat links en rechts is, maakt niet uit in welk taal het tegen mij gezegd wordt. Ik doe het altijd fout. Vooral als ik er over na moet denken, gaat het al rampzalig verkeerd. Ik ben zelfs voor mijn rijbewijs gezakt, omdat ik de berm inreed. Ik was zo erg bezig met “wat is links en rechts” dat ik niet goed op de weg lette en het een goed idee vond om de berm in te rijden. Mala, een vriendin van mij, durft ook niet meer bij mij in de auto. Laatst kwam ik haar vader tegen en die hoorde ik toen tegen zijn vrouw fluisteren: “dat is die vriendin van Mala die gek autorijdt.”

Volgens dokter R, mijn snijzaal docent, heb ik mijn “roeping” gevonden. “Je moet chirurg worden,’ zei hij overtuigd terwijl ik, half voorover gebogen over het lijk hing en voorzichtig de huidlaag van de onderliggende vetlaag scheidde. Een paar medestudenten stonden aandachtig om mijn tafel heen te kijken hoe ik dat vlekkeloos deed. Dat was het hoogtepunt van mijn carriere wat betreft chirurgie.

Ik vind snijden best wel leuk hoor. Sterker nog, ik heb een keer in het Algemeen Dagblad gestaan met als titel “Snijden is mijn Passie.” Maar dat verhaal vertel ik wel een ander keer. Ik denk dat het gewoon niet handig is voor mij om chirurg te worden. Ookal zouden ze een dikke kruis tekenen op de been of arm die behandeld moet worden, zou ik het hoogstwaarschijnlijk alsnog verkeerd doen.
Ik wil niet op mijn geweten hebben dat ik de verkeerde been amputeer of in de verkeerde hersenhelft boor.

Nee, om het eerste principe van de arsteneed “do no harm” in ere te houden, is het beter dat ik niks snijdens doe.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie