#HotBrownie

‘Weetje wat gek is,’ zei ik tegen Sem en klemde mijn arm tussen de hare. We liepen samen door de stad te slenteren en waren opzoek naar iets warms om te eten. ‘Nou?’ vroeg Sem. ‘Toen ik klein was, dacht ik altijd dat ik op 25-jarige leeftijd getrouwd zou zijn en kinderen zou hebben, of in ieder geval afgestudeerd.’ Sem moest erom lachen. ‘Ja, en kijk jou nu. Nog steeds een loser,’ pestte ze mij.

Gek hoe het leven totaal anders gaat, dan je gepland hebt. Ik ben eigenlijk nooit iemand tegengekomen die precies zijn leven zo heeft geleefd als hoe die het gepland had. Eigenlijk slaat het helemaal nergens op. Wie heeft überhaupt die regels bedacht, dat je voor een bepaalde leeftijd getrouwd moet zijn of kinderen moet hebben. Of afgestudeerd moet zijn. Het lijkt wel, alsof mensen het leven zien als een soort leidraad en als iemand daarvan afwijkt gelijk voor raar of een loser wordt aangeschreven.

Als je het mij vraagt, zeuren we gewoon teveel. Sommige mensen hebben niet dat geluk om te kunnen zeggen: ‘Gek, ik had mijn leven op mijn 30ste heel anders gepland.’ Puur, omdat ze nooit de 30 jaar halen. Er bestaan ziektebeelden, waarbij je niet ouder wordt dan 35. Zoals bijvoorbeeld Cystic Fibrosis.

Ik heb al een paar van die patiënten mogen ontmoeten. Ook tijdens mijn kinder coschappen toen ik tijdens het visite-rondje bij een 16-jarig meisje aan haar bed stond, met prachtig dik lang haar. Van die weavy engelachtige lokken waar ik alleen maar van kon dromen vergeleken met mijn pluizige bol. Vooral die dag, leek mijn haar als een uitgekotste en in elkaar geslagen rioolrat.

Ze lag op haar bed haar haren te kammen als een doodnormaal tienermeisje. Leuk, jong en nog vol leven. Maar het idee dat ze al de helft van haar leven waarschijnlijk al geleefd had, gaf mij kippenvel. Ik had haar veel dingen willen vragen, over bijvoorbeeld hoe zij de toekomst voor zich zag en of ze weleens dacht aan trouwen en kinderen, ook al is de kans groot dat ze maar 35 jaar oud wordt. Maar ik durfde niet. Ik vond dat ik mij dan teveel met andermans zaken bemoeide en brutaal was.

Toen ik haar kamer verliet om weer naar de volgende patiënt te gaan, besefte ik mij dat voor haar hetzelfde geldt als voor iedereen. Namelijk dat morgen niet beloofd is. Sterker nog, dat de volgende seconde alleen al niet eens beloofd is. Het maakte het leven opeens nog veel korter.

‘Do,’ hoorde ik Sem zeggen. Ze drukte mijn arm tegen zich aan en vroeg waar ik was met mijn gedachten. Ik haalde mijn schouders op en wees naar de Burger King. ‘Laten we twister fries gaan eten. Anders lopen we over twee uur nog rond met een leeg maag.’ Sem knikte.

Toen we in de rij stonden, keek ik Sem aan en zei zweverig alsof ik een filosofische ondekking had gedaan: ‘Laten we ook een hot brownie nemen en die als eerst eten en daarna pas die twister fries.’ Ik had verwacht dat Sem mij een klap zou verkopen en zou zeggen dat ik niet zo raar moest doen. Maar gek genoeg vond ze het een goed idee. ‘Wie heeft sowieso verzonnen dat het toetje pas na de maaltijd gegeten moet worden?’ vroeg ik haar. Ik vind het gewoon niet logisch.

Kortom, wat ik wil zeggen is. Leef je leven, zoals jij dat wilt. Met niet al teveel voorgekauwde en geplande dingen. Want het leven is te kort. Veel korter, dan ze je ooit vertellen.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie